The making of


Bij "Hotze ziet 't levenslicht", heb je kunnen lezen dat voor de geboorte van deze nieuwe stripheld weinig nodig was. Een sappige verteller een begenadigd tekenaar,  een uitgever die zich in alles laat leiden door enthousiasme,  een paar versnaperingen en voila een nieuw strip is  klaar. Nou ja, bijna.

In september 2004 werd besloten dat er een stripalbum zou verschijnen over het kaatsen en in het Fries. In juli 2005 werd tijdens de Makkum Merke het album gepresenteerd. In krap tien maanden is er door meerdere mensen keihard aan gewerkt. We willen hier laten zien wat er zoal moest gebeuren.

Op 18 juli werd het album gepresenteerd. Op de 19e juli ging het in de vrije verkoop. 



De tekeningen: 

Het verhaal met het naschrift telt 327 tekeningen. Het tekenwerk is volledig door Aart Cornelissen gedaan. Het verhaal beslaat 37 pagina's. He volledige album met de kaatstips, de spelregels en de extra's is 46 pagina's. Het album heeft een gekleurde omslag en is verder in zwart-wit. De deadline werd exact gehaald. De eerste exemplaren rolden in de vroege ochtend van de 18e van de pers.



Tot diep in de nacht zwoegde Aart Cornelissen achter zijn werktafeltje. Werd het eerste album nog bij kaarslicht getekend, een inzamelingsactie onder de burgerij leverde een bureaulampje op. Mede hierdoor verschijnt het tweede avontuur van Hotze Klots in kleur.


Aart achter zijn werktafel
 

Feiten en Fictie:

In een strip kan meer dan in de echte wereld. Een stripfiguur bezit capaciteiten die niet voor gewone stervelingen zijn weggelegd. Toch moet het verhaal wel kloppen. De verhalen van Albert Sieswerda over het kaatsen waren de directe aanleiding voor de strip. De omgeving waar ze werden verteld nodigde uit tot op zijn minst aandikken. Nu de strip werkelijkheid zou worden moest toch wel de nodige research worden gedaan. 

Oud-voorzitter Albert Sieswerda van de Makkumer Kaatsvereniging raadpleegt zijn uitgebreide kaatsdocumentatie. 
 

Het verhaal:

De strip moest over de kaatssport gaan, en de strip moest in de Friese taal. Klaar. Nu nog even het verhaal. Otto Gielstra, als hij al ergens gebrek aan heeft, dan zeker niet aan fantasie, schreef het verhaal. De ene na de ander plot borrelt in hem op. In een kwartier tijd heeft hij het verhaal compleet in zijn hoofd, maar even vlot wordt dit weer ingewisseld voor een volledige andere benadering. Als Aart vervolgens ook nog wel wat leuke wendingen in gedachte heeft en Albert weer een bijzondere  gebeurtenis in de kaatshistorie opduikelt, dan wordt het toch even pittiger. Als alle teksten die het papier gehaald hebben ook in albumvorm waren verschenen dan had je in de boekenkast een eigen plank voor Hotze kunnen reserveren. En als de uiteindelijke beslissingen zijn genomen dan moet het nog worden uitgewerkt. De tekst moet wel in tekstballonnen, je kunt niet eenvoudig weg een extra regel gebruiken. En als dit alles dan gelukt is, dan moet het ook nog correct Fries zijn. En het is gelukt. Zeer goed gelukt zelfs.


Pieter Breuker (voorgrond) en Otto Gielstra


De Fryske teksten en foaral de stavering fan it earste Hotze Klots ferhaal waarden swier hifke. Derby waard de taalkundige help fan Pieter Breuker ynroppen (op 'e foargrûn). 't Wie en is moai meinommen dat Breuker ek in betûft keatser en reedrider is. We sille perfoarst noch fan him heare!



Voor de niet-Friestaligen onder ons: Hotze's eerste album verscheen in de Friese (spreek)taal.


Copyright foto's : Sjoerd Gielstra Makkum 2005-2006