|
Het verhaal:
De strip moest over de kaatssport gaan, en de strip moest in de
Friese taal. Klaar. Nu nog even het verhaal. Otto Gielstra, als hij al
ergens gebrek aan heeft, dan zeker niet aan fantasie, schreef het
verhaal. De ene na de ander plot borrelt in hem op. In een kwartier tijd
heeft hij het verhaal compleet in zijn hoofd, maar even vlot wordt dit
weer ingewisseld voor een volledige andere benadering. Als Aart
vervolgens ook nog wel wat leuke wendingen in gedachte heeft en Albert
weer een bijzondere gebeurtenis in de kaatshistorie opduikelt, dan
wordt het toch even pittiger. Als alle teksten die het papier gehaald
hebben ook in albumvorm waren verschenen dan had je in de boekenkast een
eigen plank voor Hotze kunnen reserveren. En als de uiteindelijke
beslissingen zijn genomen dan moet het nog worden uitgewerkt. De tekst
moet wel in tekstballonnen, je kunt niet eenvoudig weg een extra regel
gebruiken. En als dit alles dan gelukt is, dan moet het ook nog correct
Fries zijn. En het is gelukt. Zeer goed gelukt zelfs.

Pieter Breuker (voorgrond) en Otto Gielstra
De Fryske teksten en foaral de stavering fan it earste Hotze Klots ferhaal waarden swier hifke. Derby waard de taalkundige help fan Pieter Breuker ynroppen (op 'e foargrûn). 't Wie en is moai meinommen dat Breuker ek in betûft keatser en reedrider is. We sille perfoarst noch fan him heare!
Voor de niet-Friestaligen onder ons: Hotze's eerste album verscheen in de Friese (spreek)taal.
|