In Hotze’s eerste avontuur komen de nodige historische verwijzingen voor. Er wordt gerefereerd aan talloze gewonnen kaatswedstrijden door leden van de familie Klots. Bestaat die familie Klots echt? Omdat niet valt te ontkennen dat het plaatsje Makkum iets met de Klotsen te maken heeft besloten wij ons licht op te steken bij de plaatselijk historicus aldaar: drs. B. J. Booneman.

Booneman, was uitermate terughoudend en bepaald niet gecharmeerd van strips. Dus weigerde hij in eerste instantie. Na aanbieding van een presentexemplaar zag ook de drs. De duidelijke opeenvolgende lijn in de kaatsprestaties van Hotze’s voorvaderen. Daar zou misschien wel iets over te vinden zijn in de uitgebreide archieven van de Vlecke Makkum.

 

Drs. Booneman

Op de foto bestudeert drs. Booneman de 12e eeuwse miniatuur-
almanak "Regula soltariorum di Klotsi"  van abt Ulbodius IV. 


De reactie van drs. Booneman, naar aanleiding van ons verzoek

Redactie Studio Hotze Klots

 

Makkum, maart 2006

Mijne Dames en heren,

Bijgaand een eerste aantekening betreffende de familie Klots.

Met confent van den Grietman van het Vleck Mackum; gedenkt kastelein Pieter Pieters de Boer in het Schippershuis te Makkum te laten verkaatsen; Drie extra fraaie ZILVEREN SNUIFDOZEN, den 24 Junij 1816, des namiddags ten 3 uren. De liefhebbers worden verzocht om te compareren des namiddags ten één uur en dan te loten. 

Klaagt men tegenwoordig over het aanvangstijdstip, deze kastelein kon er ook wat van. Zoals destijds gebruikelijk organiseerde een plaatselijke kastelein de wedstrijden. Zo probeerde hij extra mensen te trekken en de omzet van zijn uitspanning te verhogen. Dit ging soms zo ver, dat de kaatsers verplicht waren hun gewonnen geldprijs in de herberg te verteren.
Over het verloop van de partij is weinig bekend, wel dat de laatste slag ruim na middernacht viel en het perk toen al enige tijd verlicht was door een aantal kaarsen. Was er reboelje in het café, onenigheid tussen de kaatsers? We weten het niet. Feit is dat de plaatselijke veldwachters een aantal charges uitvoerden en assistentie verzochten uit de omringende dorpen. De kleding van een der wetsdienaren raakte hierbij in brand, wellicht door de gebruikte veldverlichting en eiste van de winnaars schadevergoeding. Uit het procesverbaal weten we dat dit de heren Hotze E. K. uit Makkum en de gebroeders Steffen en Sietse S. uit Harlingen waren. De genoemde Hotze was toen bijna 20 jaar. Een leeftijd die overeenkomt met Hotze’s overovergrootvader ’Elastikene Hotze’. Een andere aanwijzing zou kunnen zijn dat terwijl de beide Harlingers werden overgebracht naar het cachot in de Hoofdwacht, verdachte Hotze K. zich lenig uit de voeten maakte. Slechts enkele uren later liet hij zich in Dockum tot koning van de partij aldaar kronen. Zo snel reizen was niet mogelijk, vonden ook de handhavers der wet en Hotze ging derhalve vrijuit. Alle drie de fraaie prijzen werden nimmer teruggevonden.

N.B. Momenteel werk ik aan een dissertatie over het Makkumer Pronkzilver vanaf 1579 tot heden. Kon het niet nalaten even bij het jaar 1816 te neuzen. Een warempel bij de mr. Zilversmid Wycke Sjoukincga vond ik de volgende aantekening: 25 juny ” Iere betiid út bêd helle, fint brocht treie platsleine doazen oft ‘k der ek leppels of soksawhat fan meitsje koe, roke, lit stean snúve die der net en der past oars ek neat yn”.
Ik ben zo vrij geweest dit te vertalen en kom tot de volgende conclusie: Man brengt drie beschadigde zilveren voorwerpen met de vraag of er ook iets nuttigs van gemaakt kan worden.


drs. B. J. Booneman

P.s. Een kopie van de originele aankondiging heb ik bijgevoegd.


Nu de interesse van drs. Booneman is gewekt hopen wij, feitelijk verwachten wij, dat er meer informatie uit de archieven naar boven komt.

Redactie Studio Hotze Klots